20 juni 2009
cultuurbewuste organisatie
Het
belang van een missiegedreven
en cultuurbewuste organisatie
ABN AMRO in historisch
perspectief
Rijnlandse, Angelsaksische,
Latijnse en Oosterse cultuur
Dennis
van der Spoel
strategieadviseur en programmamanager bij
Acumen
Equity-maatschappijen en hedgefondsen doen veel stof
opwaaien. De discussie over de positieve en negatieve aspecten
laaide weer op toen ABN AMRO in gesprek ging met Barclays en er
enkele kapers op de kust verschenen. Veel nationalisten en
romantici met enig historisch besef wijzen ons er graag op dat
met een overname van ABN AMRO ruim 400 jaar aan historie
verdwijnt. De ABN AMRO komt immers deels voort uit de
Nederlandsche Handel-Maatschappij die in 1824 door koning
Willem I werd opgericht om de enkele jaren eerder ter ziele
gegane Vereenigde Oost-Indische Compagnie weer leven in te
blazen.
De Vereenigde Oost-Indische Compagnie (vaak afgekort tot
VOC) en ook de Nederlandsche Handel-Maatschappij (NHM) waren
uiterst succesvolle Nederlandse handelsbedrijven die in de 17e,
18e en 19e eeuw het overheidsmonopolie bezaten op de handel met
Azië. De VOC (1602-1799) was lange tijd het grootste
handelsbedrijf ter wereld dat op Azië voer. Het was ook de
eerste echte multinational ter wereld en wordt eveneens gezien
als het eerste bedrijf dat aandelen uitgaf, teneinde de bouw en
exploitatie van schepen te kunnen bekostigen. De NHM mocht ook
bankieren en zelfs geld drukken voor de Nederlandse en Britse
koloniën in Azië.
Het is dus des te smeuïger dat het bedrijf dat de
aandeelhouderswaarde uitvond er nu zelf ten prooi aan valt.
Maar afgezien van nationalisme en historisch besef gaapt er een
veel fundamentelere kloof tussen de aan de discussie
deelnemende partijen, namelijk verschillende door de eeuwen
heen gevormde culturen die sinds de tweede wereldoorlog sterk
in beweging zijn.
Cultuurstromen in Nederland
In Nederland kennen we vier dominante cultuurstromen:
* De Rijnlandse cultuur
* De Angelsaksische cultuur
* De Latijnse cultuur
* De Oosterse cultuur
De discussie over hedgefondsen vindt vooral plaats vanuit de
eerste twee cultuurstromen, maar dat gaat veranderen. De Rijn
heeft een enorm belangrijke rol gespeeld in de verspreiding van
de eerste drie cultuurstromen. Vandaar dat de discussie hier
ook het heftigst is.
Oorsprong der culturen
De discussie is zo oud dat zijn oorsprong kan worden
teruggevoerd tot het jaar 9 AD toen de Romeinse legioenen onder
Varus in de pan werden gehakt in het Teutobergse woud. De
expansie van het Romeinse rijk en hun Latijnse cultuur werd
door de Germanen gestopt bij de Rijn. Dit maakte later de weg
vrij voor het ontstaan van de Angelsaksische en Rijnlandse
culturen.
De Latijnse cultuur vindt zijn oorsprong rond de
Middellandse zee in de eerste 500 jaar voor Christus. In deze
periode volgde een aantal gebeurtenissen elkaar op. Ten eerste
was er de onderlinge strijd tussen de Griekse stadstaten,
waardoor Rome kon ontstaan. Na de val van Troje in 1180 BC
vluchten enkele overlevenden via Sicilië en Carthago naar
Latinum en namen hun Griekse kennis, cultuur, krijgskunst en
goden mee. De Latijnse heerser Latinus verschafte hun asiel.
Met de kennis van de Trojanen wisten de Latijnen de Etrusken te
verjagen. Later veroverden de Etrusken Rome opnieuw met behulp
van opgedane Griekse kennis. Door de versmelting van Etrusken,
Latijnen en Trojanen kon Rome later uitgroeien tot de bepalende
factor in onze westerse cultuur. De Grieken speelden hierbij
een belangrijke rol. De oorlogen van de Grieken met de Perzen
tussen 490 en 481 BC verenigde de kijvende Grieken tijdelijk
tot 431 BC. Dit leidde tot voorspoedige handelsbetrekkingen,
maar ook tot economisch opportunisme en de grondbeginselen van
de democratie. Alexander de Grote, de Macedonische vorst,
bracht door zijn veroveringen de culturen van de Middellandse
zee en het Midden-Oosten tot elkaar tussen 334 en 331 BC.
De opkomst van Carthago bracht Noord-Afrikaanse invloeden
tot diep in het Iberische schiereiland. Na een dispuut met Rome
over het eiland Sicilië versloeg de Carthaagse veldheer
Hannibal tussen 218 en 216 BC tot drie keer toe de Romeinse
legioenen. Zo verschafte hij zich een vrije doortocht naar
Rome, maar zag daar vanaf wegens het ontbreken van voldoende
belegeringsmaterieel en voorraden. Een cruciale vergissing.
Enkele jaren later versloeg de Romein Scipio met een minderheid
aan manschappen bij verassing een Carthaags-Numibisch leger en
veroverde en verwoeste Carthago. Hierdoor werd Rome de
onbetwiste heerser over het Middellandse-Zeegebied en kon
uitgroeien tot de eerste echte supermacht.
Deze gebeurtenissen gaven vorm aan het Romeinse rijk dat
ruim 1000 jaar de cultuur bepaalde in grote delen van Europa en
tot vandaag de dag mede de cultuur bepaald rond de Middellandse
Zee, in het Midden-Oosten, Europa onder de Rijn en Donau en in
Latijns Amerika. Het politiek-economische systeem en de
wetgeving in deze gebieden zijn terug te herleiden tot de
Romeinse tijd. De Romeinen vonden het echter verspilde moeite
om hun systemen en rechtspraak volledig te exporteren naar
Britannia, dat als een wilde en opstandige provincie werd
beschouwd. De verschillen tussen de Angelsaksische en de andere
culturen vindt hier zijn oorsprong.
De Romeinse heersers Hadrianus en Antoninus bouwden een eeuw
na de slag in het Teutobergse woud de noordelijke muren op en
over de grens tussen het huidige Engeland en Schotland om de
Picten en Kelten onder bedwang te houden. Weer 300 jaar later
trachtte Rome tevergeefs haar rijk te verdedigen tegen
aanvallen op de Europese grenzen door onder meer de Westgoten,
de Hunnen, de Oostgoten en de Vandalen. Britannia werd
ontruimd. De Hadrianuswal, evenals de Antoninuswal, vonden hun
einde in overbodigheid. Groepen Juten en Friezen, maar met name
Angelen en Saksen staken van achter de Rijn de Noordzee over en
namen Britannia in bezit. Min of meer geromaniseerde Kelten
werden verdreven naar ’s lands uithoeken Wales, Cornwall,
Schotland, Ierland en zelfs Armorica - het huidige Franse
Bretagne.
De Saksen zijn een Germaans volk uit het Noorden van Europa,
regio het huidige Duitsland en het oostelijk deel van het
huidige Nederland. De Angelen waren een Germaans volk uit het
noorden van Europa. De kern van hun gebied was waarschijnlijk
gelegen in Sleeswijk. Naar het schijnt zijn alle leden van de
stam der Angelen in de loop van de 5e eeuw overgestoken, want
nadien is er nergens op het vasteland meer iets vermeld over
hen. Dit in tegenstelling tot de Saksen, Friezen en Juten wier
afstammelingen heden ten dage nog in grote getale in hun oude
stamlanden wonen. Engeland is dus naar de Angelen genoemd. Ook
woorden als Engels, Angelsaksisch en anglofiel zijn direct of
indirect van deze stamnaam afgeleid.
De achtergebleven Saksen in Duitsland hielden nog lang vast
aan hun Germaanse godsdienst maar werden door de Franken onder
leiding van Karel de Grote met geweld bekeerd tot het
christendom en ingelijfd bij het Frankische Rijk. In de
middeleeuwen was Saksen een belangrijk onderdeel van het
Heilige Roomse Rijk. In Groningen, Drenthe, Overijssel,
Achterhoek en Noord-Duitsland zijn de aan de taal van de Saksen
verwante Nedersaksische dialecten nog steeds de belangrijkste
streektaal.
Zo zorgde de Katholieke Kerk tot ver na de ondergang van het
Romeinse Rijk voor verdere verspreiding van de Romeinse cultuur
over het Europese vasteland, ook achter de Rijn en Donau. Het
Heilige Roomse Rijk was een politiek conglomeraat van landen in
West- en Centraal-Europa dat ontstond in 962 uit het oostelijke
gedeelte van het Frankische Rijk. Het Rijk bestond als
Centraal-Europese mogendheid in wisselende samenstelling en
mate van samenhang 944 jaar, tot het werd opgeheven in
1806.
In de 15e eeuw werd de naam uitgebreid tot Heilige Roomse
Rijk der Duitse Natie (Sacrum Romanum Imperium Nationis
Germanicae in het Latijn). Het Rijk werd ‘Rooms’ genoemd, omdat
het werd ingesteld als voortzetting van het Romeinse Rijk. Dit
werd door de toenmalige Westerse wereld gezien als zeer
belangrijk, want christelijke profetieën (zie het Bijbelboek
Daniël) hadden voorspeld dat de wereld na het vierde rijk (het
Romeinse Rijk) zou vergaan.
Later ontwikkelde de Rijn zich als scheidslijn tussen de
invloedssferen van de Rooms Katholieke kerk en de Protestantse
stromingen. De Anglicaanse kerk ontwikkelde haar eigen
stroming.
Cultuurstromen en geografie
Het woord ‘Angelsaksisch’ verwijst dus naar de twee volken,
de Angelen en Saksen, die de voorouders vormden van de huidige
bevolking van Engeland. Angelsaksisch (of Angel-Saksisch) wordt
tegenwoordig over het algemeen gebruikt als bijvoeglijk
naamwoord als de “Engelse of Engelstalige wereld” bedoeld
wordt, met name het Verenigd Koninkrijk, Ierland en de
Verenigde Staten van Amerika.
Rijnlands staat tegenwoordig voor de “Germaanse wereld”
boven de Rijn ofwel Noordwest Europa (Scandinavië, de Baltische
Staten, Noord en Oost Duitsland en Noord Nederland). Maar vaak
wordt met de term ook bedoeld te duiden op de landen waar de
Rijn doorheen stroomt.
Latijns staat tegenwoordig voor Italië, Frankrijk, Spanje,
Portugal en Latijns-Amerika. Maar haar invloed laat zich ook
nog voelen rond het gehele Middellandse Zeegebied tot in het
Midden-Oosten en Noord-Afrika, geheel Zuid-Amerika en het
grootste deel van Katholiek Europa. In Nederland en België
vinden we restanten in de Bourgondische subcultuur onder de
Rijn.
Kenmerkend is dus dat zowel de Rijnlandse als de
Angelsaksische cultuur hun oorsprong vinden onder de Germaanse
stammen achter de Rijn. De Angelsaksische cultuur is echter
gevormd door harde kolonisatiestrijd van Groot-Brittannië en
later Amerika zonder de invloed van Romeinse systemen. De
Rijnlandse cultuur is gevormd door de sociale cohesie van de
achtergebleven Germaanse stammen in de betrekkelijke veiligheid
van de Rijn waar Romeinse politiek-economisch systemen en
rechtspraak langzaamaan gemeengoed werden.
Frappant is dat Amerika wordt gezien als de leidende
exponent van de huidige Angelsaksische managementcultuur. Het
was immers Peter Stuyvesant (een Rijnlandse Fries) die ten
tijde van de gouden eeuw namens de West-Indische Compagnie de
basis legde voor het Amerikaanse economische model met de
uitbreiding van Nieuw-Amsterdam (huidige New York) op
Manhattan. Ook de New Yorkse stadsdelen Harlem (Nieuw Haarlem),
Bronx (Johan Bronck), Long Island (Nassau) en Brooklyn
(Breuckelen) werden door hem gesticht of uitgebreid. De
Verenigde Oost-Indische Compagnie en de West-Indische Compagnie
waren de eerste naamloze vennootschappen en dat model vormde de
basis van denken in termen van aandeelhouderswaarde wat door de
Engelsen en latere immigranten is gecultiveerd. Van invloed was
ook een aantal Franse filosofen en politici ten tijde van de
Franse Revolutie. Hedendaags New York is het boegbeeld van de
huidige kapitalistische en Angelsaksische
managementcultuur.
vervolg van
artikel:
|