28 september 2010
leidinggeven
Hun zien het
verkeerd
onderstroom, patronen en
mechanismen in organisaties
Steven de Groot & Nicoline
Mulder
resp. adviseur bij onderzoeks- en adviesbureau
KULTIFA, schrijver en ondernemer
en zelfstandig adviseur en oprichter van Mulder Projectmanagement en auteur van diverse boeken
over
projectmanagement
Wat is de rol van verhalen in
organisaties? Welke verschillende werkelijkheden nemen we waar? Hoe ontdekken we veelal onbewuste patronen in
organisaties? Hoe kunnen we deze patronen benutten en veranderen?
Recent publiceerde je ‘Hun zien
het verkeerd’. Waar gaat het over?
‘Hun zien het verkeerd’ gaat over de onderstroom, patronen en mechanismen en organisaties. In zowel onze eigen
advieswerk en uit het onderzoek dat we bij het IVA (Univ. Tilburg) verrichtten, zien we dat veel organisaties
gevangen zitten in
de vaak eigen gecreëerde patronen, die vaak onbewust zijn. Goed bedoelde geplande interventies mislukken veelal,
omdat ze niet passen binnen de heersende patronen. In het boekje beschrijven we aan de hand van zeven alledaagse
situaties zoals een vergadering, een ICT-implementatie en de dames van P&O welke patronen veel voorkomen in
organisaties en hoe je deze kunt ontdekken, benutten en veranderen.
Klinkt ingewikkeld en lijkt
verdraaid veel op het systeemdenken in organisaties. Is dat zo?
Patronen
ontdekken en dan met name de mechanismen (de motor in het patroon) daarbinnen is ingewikkeld. En ja, veel
aspecten van het systeemdenken gebruikten theoretische onderbouwing. Maar dit denken staat nauwelijks stil bij
de context en mechanismen die ene patroon vormen. Wij doen dat aan de hand van
CMO-configuraties.
CMO-configuraties? Wat zijn
dat?
CMO’s
vormen het patroon. Het zijn de Context in een organisatie die te samen met het Mechanisme tot een Outcome
leiden. Voorbeelden van mechanismen zijn Groupthink,
Interdependentie of Self-fulfilling prophecy (‘Pygmallion effect'). We beschreven de vijftien meest
voorkomende in organisaties.
Het werken
met CMO’s hebben we geleend uit de laatste generatie (beleids)evaluatie-onderzoek. Waarbij men uitgevoerd beleid
reconstrueert aan de hand van CMO’s om te
achterhalen
waarom beleid wel en niet heeft (ge)werkt in welke context.
Je noemt ook het Kritisch Realisme
als grondslag CMO’s. Wat kunnen organisaties daarmee?
Ik noemde
al even de onderstroom in organisaties. In de onderstroom leven letterlijk de verhalen van medewerkers,
rituelen, coalities tussen mensen en groepen, informeel leiderschap, conflicten, emoties en
macht. Vaak is deze veel krachtiger dan de bovenstroom die bestaat uit als visiedocumenten, jaarplannen en
allerlei spreadsheets.
En allerlei andere zaken die formeel geregeld zijn zoals regels, procedures, werkverdeling, prestatiecontracten,
rapportagelijnen, financiën en producten. Het Kritisch Realisme is een wetenschapsfilosofisch perspectief balans
wil herstellen tussen beschouwingen over het objectieve (de wetenschappelijke en enige waarheid:
aspecten uit de bovenstroom) en over het subjectieve
(de verhalen: aspecten uit
de onderstroom).
Er bestaan
volgens het Kritisch Realisme de volgende drie lagen of niveaus van werkelijkheid:
-
het
empirische: ervaringen, indrukken en
percepties (de onderstroom) die in de verhalen van medewerkers uitdrukking komen;
-
het
'feitelijke': evenementen, toestanden die in
tijd en ruimte waarneembaar bestaan en de feitelijke kenmerken van de context (de C van de CMO als de
bovenstroom, het aantal mensen in een groep en man-vrouw-verhouding;
-
het
'niet-feitelijke': 'reële' of het meer duurzame
structuren, generatieve mechanismen (de M van de CMO-configuratie),
krachten en tendensen.
Het
onderscheiden van deze drie niveaus, de gelaagdheid van dimensies van werkelijkheden, is een belangrijk kenmerk
van het Kritisch Realisme. Het erkent daarmee de verscheidenheid van werkelijkheden én de relaties daartussen.
We noemen dit de ‘driedimensionale werkelijkheid’. We kijken met een 3D-bril naar wat er gebeurt in een
organisatie en hoe de drie werkelijkheden samen een patroon vormen.
Wat heeft dat met patronen te
maken?
In een CMO
(een grafisch voorstelling) komen door middel van doel-middel- en oorzaak-gevolg verschillende werkelijkheden (3
dimensies) in de onderstroom en bovenstroom samen. En kan een organisatie zich bewust worden van een vaak
onbewust patroon waarin ze gevangen zit.
Ik kom in de literatuur ook CIMO’s
tegen. Is dat hetzelfde?
Ja, dit
zijn CMO’s waarbij de I van interventie is toegevoegd. De ‘school’ die CIMO’s gebruikt gaat uit van een
organisatie-design. Maakbaarheid is een belangrijk kenmerk. Sociaal wetenschappers en beleidsonderzoekers
beschouwen het werken met CMO’s als een bewustwordingsinterventie. Als de organisatie haar eigen patroon
(h)erkent, is zij ook wel in staat om dit patroon te ontregelen en met elkaar nieuw patroon (CMO) te ontwerpen.
Niet voor niets spreken ze over het REconstrueren van een nieuwe CMO vanuit een bestaande CMO. Veranderen begint
bij het bewust worden en erkennen van de eigen patronen.
En nu verder?
Lezen en
aan de slag met je patronen in je organisatie! Werken volgens de 4 stappen:
1)
Luisteren naar verhalen
2) Formuleren van de richtinggevende vraag
3) Duiden van het patroon in context, mechanisme en outcome
4) Benutten
en veranderen van patronen.
Er is een
(organisatie)wereld te winnen……
Meer
informatie, zie: Hun zien het verkeerd (pdf)
Artikelen over een vergelijkbaar onderwerp:
schoonheid in organisaties
De wereld van de opdrachtgever -
projectmanagement
levend werken: passie en
bezieling
toewijding als drijfveer
inspireren in plaats van
motiveren
Even voorstellen: Steven de Groot

Steven de Groot (auteur
‘Hun zien het verkeerd’) is adviseur, onderzoeker, schrijver en ondernemer. Hij werkt als adviseur bij
onderzoeks- en adviesbureau KULTIFA. Bij het IVA Instituut voor beleidsonderzoek en advies (Universiteit
van Tilburg) raakte hij gefascineerd door het ontrafelen en benutten van patronen in organisaties aan de
hand van CMO-configuraties.
Hij schreef eerder de boeken Kennis in uitvoering. Werkboek kennismanagement, Presteren
met professionals en Schoonheid in organisaties.
Even voorstellen: Nicoline Mulder
Nicoline Mulder (1967) is zelfstandig adviseur en
oprichter van Mulder Projectmanagement. Zij studeerde Technische Bedrijfskunde aan de Technische Universiteit
Eindhoven, waar zij nu tevens promovendus is. De studie Arbeids- & Organisatie-psychologie volgde zij aan
de Open Universiteit. Deze studies dreven haar als vanzelfsprekend naar het vakgebied van training en advies,
en specifiek naar het managen van projecten.
Van begin af aan heeft zij met name organisaties geadviseerd op het gebied van projectmanagement. Zij was
directeur, programmamanager en management-consultant van een management-trainingsbureau waar zij, naast het leiden
van de onderneming, trainingen ontwikkelde en verzorgde zoals projectmanagement, projectcommunicatie, leidinggeven
aan een projectteam en de relatie met de opdrachtgever.
Sinds 2001 heeft zij haar eigen bureau om haar persoonlijke visie op dit gebied beschikbaar te stellen aan
organisaties, met name in technisch georiënteerde omgevingen. Nicoline werkt vooral aan de ontwikkeling van
projectmanagers en andere projectwerkers o het persoonlijke en interpersoonlijke gebied.
Sinds anderhalf jaar werkt zij in promotieverband, onder begeleiding van Mathieu Weggeman, aan de Technische Universiteit Eindhoven
aan het ontwerp van een op waarden gebaseerde benadering voor projectmanagement.
Zij is auteur van een aantal boeken zoals; ‘Help, ik heb een opdrachtgever’, ‘Als de projectmanager gaat
communiceren’ en ‘De Kleine Prinses’.
E: Nicoline Mulder S: www.mooiprojectmanagement.nl
S: www.mulderprojectmanagement.nl
artikelen van auteur:
De wereld van de opdrachtgever -
projectmanagement
Hun zien het verkeerd -
onderstroom, patronen en mechanismen in organisaties
Everybody loves
this place.
It is so beautiful;
everybody reaches out to one another. Glenn
Gould
|
|