25 oktober 2010
levensverhalen, zelfkennis,
persoonlijke ontwikkeling
‘Omgaan met het één – twee – veel – verhaal'
Zelfkennis en persoonlijke ontwikkeling
Eva de Waard-van Maanen
directeur, loopbaancoach en
opleider bij De Waard
Consult
Levensverhalen. Ontroerende, grappige, verdrietige, korte of
lange verhalen. Ze vormen het voertuig waarmee de cliënt zich kan laten zien, ontdekken en begrijpen.
In mijn werk heb ik vanaf het begin een belangrijke plaats toegekend aan het levensverhaal. Ik ontdekte echter dat
een biografieopdracht snel is gegeven… maar dan? Hoe voorkomen we dat we in de verhalen van onze cliënten gaan
verdwalen? Hoe zorgen we ervoor dat de cliënt werkelijk contact maakt met het ‘wezenlijke’ in zijn levensloop. Een
intiem proces wat moed en openheid vraagt, zowel van de cliënt als de begeleider.
“Tja, ik heb geprobeerd om maar eens áchter de verhalen te gaan kijken, want het werd zo’n riedel…” zei een van
mijn cliënten. Ze voelde zich hier erg ongelukkig onder, want aanvankelijk had ze zich juist zo gesterkt gevoeld
door haar verhalen. Welk houvast kunnen wij op zo’n moment als loopbaancoach bieden? Hoe wordt een verhaal
betekenisvol?
De waarde van het levensverhaal in een coachingstraject
Cliënten komen binnen met een vraag en verwachten een oplossing. Hoe groter de druk, des te lastiger om die te
weerstaan en niet in oplossingen te gaan denken. Om dit te voorkomen las ik een time-out in: de cliënt gaat aan de
gang met zijn eigen levensverhaal.
Zo plaats ik letterlijk ‘iets’ tussen de persoon en zijn vraag. Hij krijgt daarmee de kans om ‘te landen’ in
datgene wat hem het meest vertrouwd is, zijn eigen levensloop. Na er samen met behulp van de Vijf Bouwstenen in
‘rond gewandeld te hebben’ (voor de methode zie: de Waard-van Maanen, Deel II) komt het moment dat we terugkeren
naar de vraagstelling. Met de belangrijkste inzichten onderzoeken we nu het verband tussen verhaal en
vraagstelling. De vraagstelling krijgt een nieuwe context en verschuift van ‘knelpunt’ naar ‘inzicht’.
Zelfkennis, de uiterlijke en innerlijke oriëntatie
Hoe worden wij onszelf eigenlijk bewust? Veel in ons leven gaat min of meer automatisch via de interactie met de
buitenwereld. Door uitwisseling met anderen toetsen we onze ervaringen, volgen we wel of niet adviezen op en
brengen we eventueel veranderingen aan.
Samenvattend noem ik dit: richting geven aan je leven door middel van oriëntatie op de buitenwereld. De weg die
afgelegd wordt tussen jou en de buitenwereld gaat van buiten (informatie) naar binnen (wat doe ik
ermee?).
Door het levensverhaal als vertrekpunt te nemen draaien we deze posities om. We kijken van binnenuit (wie ben ik?)
naar buiten (wat zijn de consequenties) en komen zo tot wat ik noem de innerlijke oriëntatie.
Het is echter een misvatting dat het doorlopen en ordenen van
het levensverhaal op zich, het eerder genoemde effect tot gevolg heeft. Er is een andere kant die we ook in het oog
dienen te houden, want als je gaat ‘wandelen’ kun je gemakkelijk ‘verdwalen’, en gaan de verhalen klinken als de
‘riedel’ waar mijn cliënt het over had.
Waardoor zakt de moed in de schoenen, waardoor zie je door de verhaal-bomen het bos niet meer? Doordat de betekenis
die je aan gebeurtenissen geeft wisselt al naar gelang de dagelijkse praktijk, en inslijt door gewenning. De vraag
is dus: hoe behoud je de openheid en hoe verbind je vervolgens je uiterlijke en innerlijke oriëntatie als
wegwijzers op je levenspad?
Betekenis geven: een gelaagd proces
Het ontstaan van een nieuw inzicht, het geven van een nieuwe betekenis aan iets, wordt gekenmerkt door een
impliciet reflectieproces dat steeds meer expliciet wordt, naarmate je beter in staat bent boven het ‘verhalende’
uit te stijgen. Je kunt hierin een viertal niveaus onderscheiden:
a. het ervaringsniveau
b. het niveau van erover kunnen vertellen
c. het reflectieve niveau
d. het verlenen van een nieuwe betekenis
Zelfreflectie stelt ons in staat het hier en nu te overstijgen.
Als we terugdenken aan iets dat we hebben meegemaakt, dan kan die belevenis in alle intensiteit bovenkomen alsof
het een actuele belevenis is. Je bent nog zodanig verbonden met het ervaringsniveau dat gebeurtenissen letterlijk
en vaak in chronologische volgorde, verteld worden: het ‘en-toen’-verhaal. (niveau a en b )
We kunnen onze ervaringen betekenis geven door ons vermogen tot zelfreflectie (niveau c). Al reflecterend nemen we
afstand tot onszelf als ervarend subject.
Door in het heden stil te staan bij gebeurtenissen in het verleden, verschuift de aandacht naar het reflectieve
niveau. Hieruit kan een nieuwe verhaallijn ontstaan, die weer zijn effect kan hebben op ons handelingsrepertoire in
heden en toekomst.
Kijk op het levensverhaal vanuit de uiterlijke en innerlijke levenslijn
Om te voorkomen dat wij gaan ‘verdwalen’ is het dus zaak het proces van betekenis geven bij de cliënt te
ondersteunen.
Door de jaren heen heeft het model van de uiterlijke en innerlijke levenslijn (fig.1) mij hierin bijzonder
geholpen. Dit model vormt de grondgedachte van een loopbaantraject. Enerzijds komen we tot de kern van iemands
levensgeschiedenis, anderzijds krijg je ook de essentie van de unieke persoon te pakken. In dit model hervinden we
de ‘verloren’ geraakte kwaliteiten, de zoektocht naar zingeving en de weg van het ‘her-inneren’ – dat wil zeggen,
de weg van het binnengaan en herstellen van oorspronkelijke verbindingen.

Figuur 1: de uiterlijke en innerlijke
levenslijn
In de uiterlijke levenslijn gaat het erom bij wie we
terechtkwamen, hoe onze afkomst ons gevormd heeft, welke opvoeding we genoten hebben en hoe we in de samenleving
terechtgekomen zijn door onze opleiding en werkervaring. In deze wereld kan voortdurend van alles gebeuren wat ons
van ons pad af brengt. We worden vooral gedreven door ‘wat handig en verstandig is’.
De innerlijke levenslijn geeft weer wat er van nature altijd al
aanwezig was: je oorspronkelijkheid en talenten. Hier vind je de intuïtie en komen we in contact met wat werkelijk
zin geeft aan ons bestaan. In de innerlijke levenslijn vinden we de ‘inhoud’, de unieke persoonlijkheid. De balans
in het leven wordt verkregen door bij die inhoud de juiste vorm te laten ontstaan (fig.2). Het beeld wat we nu
hebben heeft zeggingskracht en biedt de cliënt houvast in zijn zoekproces.

Figuur 2: de uiterlijke en innerlijke
levenslijn
Zien en doen
Al tijdens oriënterende gesprekken met opdrachtgevers en cliënten breng ik stap voor stap het model in beeld. Dit
biedt een goede ingang om uitleg te geven over het traject. Cliënten hebben zo hun eigen ideeën, vooroordelen of
verwachtingen. Ook is er spanning: wat zal er van mij gevraagd worden? Door aan de hand van het model vooraf uitleg
te geven, ontstaat helderheid.
De kracht van het model zit hem erin dat ‘grote woorden’ zoals ‘talent’, ‘zingeving’ en ‘intuïtie’, die ongeacht
leeftijd of scholing de luisteraar raken, in een herkenbaar beeld blijken te passen. Dat wekt vertrouwen: ‘o, wacht
even, zo zit dat dus’ en ‘ja, dat heb ik eigenlijk altijd al gedacht’.
De uitleg levert meestal direct reacties op. Cliënten herkennen zich. Zo is er de manager die zijn ontwikkeling van
denken naar voelen nu voor zich ziet. Of de burnout-cliënt die onverwacht voor zich ziet hoe zij zich aanpast en
voortdurend denkt zich te moeten inzetten in de uiterlijke lijn. Het onderscheid tussen wilskracht (inzet en
doorzettingsvermogen) en geestkracht (niet-doen, de weg ontvouwt zich, de flow ervaring) blijkt velen van hen op
weg te helpen. De clou van het model: beide aspecten zijn even belangrijk!
Van impliciete naar expliciete reflectie
De meeste coachingsvragen hebben als kern de behoefte aan kennis. Wie ben ik, wat kan ik, wat wil ik, dat zijn de
centrale vragen. De kennis kan in meer of mindere mate van buitenaf aangereikt worden, bijvoorbeeld door een test,
het uitwerken van opdrachten of door gesprekken met een coach.
In mijn begeleidingstrajecten tracht ik de weg naar zelfkennis om te keren, door als uitgangspunt het levensverhaal
te nemen en dit vervolgens te gebruiken als ‘oefenmateriaal’ voor het doorlopen van een reflectieproces. Zo
bewandelen we letterlijk de weg van binnenuit, waarbij we in feite niet het verhaal centraal stellen, maar het
proces van betekenis geven. Door dit proces te doorlopen aan de hand van materiaal wat de cliënt letterlijk het
meest nabij is - het eigen levensverhaal - ontstaat er een verschuiving in het beeld wat de cliënt zichzelf heeft.
Ook de kijk op het verhaal is veranderd.
Een voorbeeld. De ‘riedel’ van de eerder genoemde cliënte zette zich om in verbazing
over eigen handelen. Verbazing over het feit dat wat haar kenmerkte in de uiterlijke lijn - leven in een wereld
van tegenstellingen - in al haar beslissingen doorwerkte, maar ook tussen ons beiden een rol speelde. In de
eerste gesprekken nam zij steeds het initiatief door ‘even’ de actualiteit toe te lichten en waarom die haar
ervan hadden weerhouden aandacht te besteden aan haar opdrachten. Het bespreken van de actualiteit maakte dat
zij niet in de gaten had dat we midden in haar patroon zaten: de moeite met het omgaan met tegenstellingen
(eigen traject versus de actualiteit). Ik maakte haar hierop attent en samen konden we erom lachen en ons
verbazen over de kracht van een ingesleten patroon.
Verbinding met jezelf: een intiem proces
De onverwachte opening die de cliënt ervaart door zichzelf in zijn gedrag te hebben herkend (‘hoe is het mogelijk,
zo doe ik dat dus’) geeft zelfvertrouwen en ruimte om te onderzoeken wat de verbanden zijn tussen dit patroon en de
vraagstelling. In de uiterlijke lijn ontstaat ontspanning, doordat het eigen gedrag vanuit de reflectiepositie in
beeld komt, voorbij de schaduw en de pijn.. Dit is een uiterst subtiel moment, alsof je even als geheel
samenvalt.
Ik noem dit: ‘bij jezelf om een hoekje kijken’.
De ontspanning biedt ruimte voor de innerlijke levenslijn. In het voorbeeld van de cliënt waren er vele
aanknopingspunten: buiten zijn in de natuur, verbinding voelen, jezelf mogen zijn. Door deze herinneringen op de
innerlijke lijn te plaatsen worden ze als het ware opgewaardeerd. Ze krijgen een eigen plaats in de context van het
levensverhaal. De verbinding wordt gelegd naar wie je oorspronkelijk was (jezelf mogen zijn als kind) en wat voor
jou zinvol is (buiten zijn).
Het proces dat de cliënt doorloopt in het expliciet maken van zijn bevindingen is
hieronder in het model weergegeven(fig. 3). In de uiterlijke lijn is er rond de vraagstelling een bepaalde mate
van ontspanning ontstaan, daarnaast is er in de innerlijke lijn opnieuw verbinding ontstaan met ‘vergeten’ doch
wezenlijke herinneringen. Een bijzondere en inspirerende ervaring.

Figuur 3: de uiterlijke en innerlijke
levenslijn
Het ‘één – twee – veel – verhaal’
Zo komen we aan het eind van deze verkenning van het ‘één-twee-veel-verhaal’. In dit geval was de cliënt trouwens
typisch iemand van de vele verhalen.
In dit spanningsveld blijkt voor mij de uiterlijke en innerlijke levenslijn een belangrijke kapstok te zijn. In de
toepassing ervan heb ik zelf verschillende stadia doorlopen. De laatste tijd ben ik steeds beter gaan beseffen hoe
wezenlijk de rol van de visualisering hierin is. Het ‘voor je zien’ scherpt de waarneming en verankert de nieuwe
richting. De cliënt staat voor het whiteboard, neemt letterlijk de stift ter hand en markeert de nieuwe
invalshoeken. Processen worden inzichtelijk gemaakt door deze een plaats te geven in de levenslijnen en ze
gaandeweg het traject samen te vatten in een kernwoord of beeld dat voor de cliënt betekenis heeft. Bijvoorbeeld de
‘veldheer’ in de uiterlijke lijn versus de ‘danseres’ in de innerlijke lijn, als het perfectionistische ik versus
het vrije ik. Dergelijke beelden bieden houvast in keuzeprocessen en geven het reflectieproces zijn
fundament.
Ruimte en lichtheid
Reflecteren is het bewust ontwikkelen en gebruikmaken van de
innerlijke oriëntatie. Door op deze wijze te werken met het levensverhaal stimuleer je de verbinding tussen de
uiterlijke en innerlijke leefwereld. De ene cliënt heeft één aanwijsbaar moment, de ander een reeks van momenten
die hem heeft doen groeien. Maar allen geven ze aan dat het gaat om het ervaren van ruimte en lichtheid. Een
ruimte waarin je, voorzichtige aftastend en al oefenend, steeds meer jezelf wordt.
Bronvermelding: De Waard-van Maanen, Eva (2002). ‘De veldheer en de danseres. Omgaan
met je Levensverhaal’
gerelateerde onderwerpen:
Emoties: dirigenten of stoorzenders
In 3 stappen meer grip op je leven!
overlevingsstrategieën gedragspatronen: vrienden of demonen?
Even voorstellen: Eva de Waard-van Maanen
Eva de Waard is directeur, loopbaancoach en opleider bij De Waard Consult – Academie voor Leven
en Werk. De Academie verzorgt de Post-HBO Opleiding voor Loopbaanprofessional en Coach.
Sinds de oprichting van het bureau in 1988 heeft Eva een brede ervaring opgebouwd in loopbaanmanagement,
coaching en arbeidsmarktontwikkelingen. In haar werk heeft zij een centrale plaats toegekend aan het
levensverhaal, waarbij het onderscheid tussen de uiterlijke en innerlijke ontwikkeling een belangrijke kern is.
Zij publiceerde hierover in haar boek
‘De Veldheer en de Danseres. Omgaan met je levensverhaal’.
Eva is oprichter van het CMI-Career Management Institute, dat verantwoordelijk is voor de certificering van de
loopbaanadvisering in Nederland. Daarnaast is zij lid van de Raad van Advies van Tijdschrift voor Coaching en
het blad Loopbaanvisie.
|
"Keuzes die gebaseerd zijn op het eigen
levensverhaal zijn authentiek en duurzaam,
ze zijn de verwerkelijking van onze essentie".
|
bron: www.menscentraal.nl
|