24 april 2009
klantvriendelijkheid
Transparante
facilitaire
klantvriendelijkheid creëren
Een spiegel van het eigen
gedrag
Egbert
Knol
trainer/coach bij Knol & Knol
coaching voor mens en
organisatie
Het verbeteren van de klantvriendelijkheid is voor
facilitaire organisaties één van de voorwaarden om succesvol te
zijn. Daar is iedereen het wel over eens. Het begrip heeft
iets magisch, iedereen weet wat er mee bedoeld wordt maar hoe
krijg je het concreet geïmplementeerd? Hoe zorg je dat
facilitaire dienstverlening aansluit bij de beleving van de
klant?
Het zal je maar overkomen dat je klanten zeggen dat je
organisatie klantonvriendelijk overkomt. Dat uit het
klantvriendelijkheidonderzoek blijkt dat de geleverde
facilitaire dienstverlening en producten niet aansluiten bij de
beleving van de klant.
Hoe leg je dit als facilitair manager uit aan de directie, maar
vooral hoe vertel je het de hardwerkende medewerker? Het is
namelijk een onderwerp waarbij je al snel het gevaar loopt dat
het onderwerp en emotionele lading krijgt. Want de hardwerkende
facilitair medewerker kent vanuit een één op één relatie zijn
klant.
Vanuit die relatie leeft hij in de veronderstelling dat zijn
klanten tevreden zijn. Ongeloof, onbegrip en onmacht zijn
zomaar een paar emoties die de discussie kunnen kleuren. En
voor dat je het weet gaat hier de aandacht naar uit, waardoor
werkelijke oplossingen uitblijven. Hoe ga je hier als
facilitair manager mee om maar vooral hoe keer je het tij?
Van vaag naar begrijpend klantvriendelijk
De ervaring leert dat op de vraag ‘wat is nu
klantvriendelijk?’ vele antwoorden mogelijk zijn en dat iedere
definitie wel iets positiefs in zich heeft, waardoor het
creëren van een gemeenschappelijk draagvlak een hele klus is.
Door de verschillende opvattingen ontstaat er een spaghettibrij
aan uitgangspunten met als risico dat medewerkers en management
onderling verdeeld zijn en er niets meer van snappen.
Het succesvol verbeteren van de klantvriendelijkheid is
hiermee feitelijk al op een dood spoor terechtgekomen. Het
verbetertraject loopt zelf het risico te blijven steken in het
maken van plannen, het blijven vergaderen of in het ergste
geval eindigt het in het uitschrijven van de zoveelste
procedure, waarmee de facilitair medewerker niet uit de voeten
kan. De waan van alle dag heeft vooral voorrang, werktijd is
kostbaar en de productie mag er vooral niet onder leiden.
De mate van hoe een klant de klantvriendelijkheid
beoordeeld, is in eerste instantie sterk gerelateerd aan hoe
een organisatie functioneel opereert; zijn de taakinhoudelijke
werkprocessen wel goed op elkaar afgestemd? Is wat er aan
diensten/producten geleverd wordt wel in overeenstemming met
wat de klant wil? Bewust sturend op kosten worden in veel
gevallen op basis hiervan de werkprocessen zo efficiënt
mogelijk ingericht.
Maar worden organisaties hierdoor ook klantvriendelijker?
Begrijpen medewerkers wat er van hun rolinvulling wordt
verwacht in relatie tot klantvriendelijkheid? Het optimaal
taakinhoudelijk inrichten van de werkprocessen is naar onze
mening maar één van de twee basisvoorwaarden om een organisatie
klantvriendelijker in te richten.
Organisaties besteden veel energie aan het inrichten van hun
werkprocessen en vergeten vervolgens hoe zij met klanten om
willen gaan. De tweede basisvoorwaarde krijgt hierdoor niet of
nauwelijks aandacht. Namelijk; hoe gedragen wij ons? Hoe
stemmen wij ons gedrag af op wat we aan het doen zijn? Welk
zichtbaar gedrag willen wij tijdens ons klantencontact laten
zien? Onze ervaring leert dat aan deze tweede basisvoorwaarde
niet of nauwelijks aandacht besteedt wordt. Veelal wordt er van
een aangenomen vanzelfsprekendheid vanuit gegaan ‘dat snapt de
medewerker toch wel’ En hiermee is de teleurstelling geboren,
resultaten blijven uit en de frustratie groeit. Door met
medewerkers in gesprek te gaan over de tweede basisvoorwaarde
kan de klantvriendelijkheid van uw facilitaire organisatie op
een praktische maar vooral begrijpbaar wijze verbeteren. Het
gezamenlijk vaststellen van een sociale norm vormt een meetlat,
die richting geeft aan hoe en op welke wijze u klantvriendelijk
wilt zijn.
Klantvriendelijkheid loont
Klantvriendelijkheid loont, want het werkt kostenverlagend,
motiverend, klanten worden uw ambassadeur, werkplezier groeit
en de gedrevenheid van de medewerkers neemt toe. Zomaar een
paar positieve resultaten die hun effect op het functioneren
van de facilitaire organisatie niet zullen missen.
Klantvriendelijk zijn, vind zijn basis in een voor iedereen
duidelijke sociale normen. Wie zijn wij als gehele organisatie
– van directie tot en met de medewerkers en alle
functionarissen daartussen- met elkaar en hoe gedragen wij
ons?
Een ethisch kompas waarin de sociale normen zijn geborgd.
Een kompas welke ook dient om elkaar aan te spreken op
ongewenstheden. Een kompas welke als richting dient voor de
wijze van omgang met bijbehorende sociale vaardigheden. Welke
de basis is van waaruit groei en positieve stimulans in gang
gezet kan worden. Dit bereikt u door de gezamenlijk
vastgestelde sociale normen te vertalen in gezamenlijke en
individuele acties. Acties waar de medewerker en het management
in de dagelijkse praktijk mee aan de slag gaat.
Een heldere en succesvolle actie is te toetsen aan de Be
SMARTi criterias:

En wanneer je de gedefinieerde acties opneemt in
bijvoorbeeld functioneringsgesprekken, kwaliteitsprogramma’s en
dergelijk voorkomt je tevens dat het een vrijblijvend
verbeterpunt wordt. Het succesmoment is vooraf bepaald, je weet
namelijk waar je tevreden over wilt zijn. Het vieren van die
(vele kleine) succesmomenten heeft vervolgens als effect dat de
werkatmosfeer verbetert. Een atmosfeer, die positief prikkelt,
eentje die doorwerkt op de vele beïnvloedingsfactoren die een
rol spelen in ‘hoe een klant jou organisatie ervaart’.
Visie op klantvriendelijkheid
Klantvriendelijkheid is een spiegel van het eigen gedrag!
Door je eigen organisatie te spiegelen aan de twee
gedefinieerde basisvoorwaarden taak inhoudelijk werken en
relationeel inhoudelijk werken zijn verbeteringspunten
eenvoudig op te sporen. Door oude denkpatronen los te laten
krijg je als vanzelf het gereedschap in handen om het tij te
keren. Moed, anders denken, focus en een portie
doorzettingsvermogen zijn vervolgens de minimale ingrediënten
die je nodig hebt om ook daadwerkelijk het tij te kunnen keren
(zie figuur1).
De veranderende klant
Wanneer je naar ontwikkelingen in de markt kijkt dan zie je
door de vertrekkende babyboomer (medewerker ouder dan 56 jaar),
technologische ontwikkelingen en de komst van de patatgeneratie
(starters op de arbeidmarkt) een ander type klant ontstaan.
Eentje die vindt dat hij leeft in een maakbare wereld,
ongeduldig is en 7 dagen per week 24 uur per dag zijn wereld zo
in richt dat dit aansluit bij zijn beleving. En dit type klant
heeft ook nog een zeer progressieve verwachting van de
dienstverlening, want wat hij als goede service ervaart bij de
ene aanbieder wordt direct verheven tot zijn nieuwe norm
waaraan hij uw organisatie zal toetsen.
Om te bepalen of uw organisatie nog wel aansluiting heeft
met de veranderende klant zijn voor het maken van een nulmeting
een viertal ontwikkelingsstadia gedefinieerd. Ieder stadium is
vervolgens onderverdeelt in aandachtgebieden met daarbij
behorende kenmerken. Door het vaststellen van je eigen
ontwikkelingsstadium “waar bevinden wij ons ten opzichte van de
klant kunt u de volgorde van sense of urgency bepalen (zie
tabel 1) De volgorde waarin je verbeteringen uitvoert, zijn
mede bepalend of het draagvlak standhoudt. Want succesvol
klantvriendelijk zijn, worden en blijven is echt een continu
traject van de lange adem, van vallen en opstaan, leren en
geduld hebben, hard en zacht zijn, maar vooral eentje van
doorzetten en erin blijven geloven.
Heeft trainen van medewerkers zin
Er worden vele miljoenen per jaar aan opleidingen,
cursussen, trainingen en begeleidingstrajecten uitgegeven. En
zo ook voor het verbeteren van de klantvriendelijkheid. Maar
heeft al dat opleiden, begeleiden eigenlijk wel zin? Krijg je
organisaties met het inhuren, inkopen van trainingstrajecten
ook daadwerkelijk meer klantvriendelijker? Het heeft alleen
kans van slagen wanneer eerst het management nadenkt over de
eigen rolinvulling. Waar liggen kansen tot verbeteringen om de
medewerkers positief te stimuleren, te coachen om zo tot een
gewenste sociale gedragsverandering te komen. Want het
management doet blijkbaar ook iets niet of juist wel waardoor
de lage klantenwaardering is ontstaan. Door voorbeeldgedrag en
coachend leiderschap zal de medewerker zich sneller uitgenodigd
voelen om te voldoen aan de gezamenlijk geformuleerde sociale
normen.
Het bereiken van een nieuwe sociale norm wordt zichtbaar
door het toepassen van bijpassende sociale vaardigheden.
Wanneer de medewerkers zich verbindt met de gedefinieerde
sociale norm dan heeft intrainen (via trainingen) pas zin. Hij
weet welke voordelen hij hiermee kan bereiken, hij weet dat hij
daarmee een positieve bijdrage kan leveren aan het gezamenlijke
doel. Dit heeft invloed op zijn leermotief, zijn intrinsieke
motivatie en door de persoonlijke leerpunten te vertalen in
persoonlijke leerdoelen wordt voorkomen dat deelname aan een
training iets vrijblijvend wordt. Een leuk dagje uit met weinig
tot geen leerrendement.
Succesvol trainen start met een gedegen voorbereiding. Want
ook bij trainingen geld…je zult nooit tevreden zijn wanneer je
niet weet waarover je tevreden wilt zijn.
We onderscheiden een viertal ontwikkelingsstadia.

visie op klantvriendelijkheid:

vergelijkbare
onderwerpen:
van tevreden naar
betrokken medewerkers
medewerksbetrokkenheid sleutel voor
resultaatverbetering
van
personeelsbeleid naar
personeelsmarketing
verhogen
klantvriendelijkheid: niet praten maar
doen
Even
voorstellen: Egbert Knol
Knol & Knol coaching voor mens en
organisatie is een dynamisch bureau, dat als doel
heeft mens en organisatie te ondersteunen bij de
ontwikkeling van de persoonlijke effectiviteit,
coachend leiderschap, effectief samenwerken en
klantvriendelijkheid. Onze denkwijze is vertaald in
een uniek methodische aanpak, waarbij een inspirerende
werkwijze gekoppeld wordt aan een strakke regie en
gedisciplineerde uitvoering.
Oprichter van Knol & Knol
coaching voor mens en organisatie is Egbert Knol. Hij is
tevens hoofdtrainer en drijvende kracht achter dit bureau.
Knol & Knol heeft ruime ervaring binnen de klein en
groot zakelijke markt, semi-overheid, gezondheidszorg,
facilitaire organisaties en horeca.
Egbert Knol (1960) is zich na
de afgeronde post HBO studie "Trainen met hart en ziel",
gaan richten op het coachen van mens en organisatie. Hij
heeft gewerkt als Evenementen manager, Facilitaire manager
en Interim manager. De hierdoor verkregen
management/leidinggevende ervaring hebben hem gemaakt tot
een professionele, doortastende, no-nonsense
trainer/coach.
Zijn werkwijze kenmerkt zich
door zijn rustige, confronterende, inspirerende en
energieke aanpak. Hij stimuleert mensen tot zelfonderzoek
en bewustwording waarbij het nemen van eigen
verantwoordelijkheid centraal staat. Hij kan zich
gemakkelijk identificeren met de business van
opdrachtgevers en hij kan redeneren vanuit de betreffende
bedrijfsomstandigheden.
E: info@KnolenKnol.nl
S:www.knolenknol.nl
A man may
die,
Nations
may rise and fall,
but
an idea
lives
on.
John F.
Kennedy
|
bron: www.menscentraal.nl
|