|
||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
1. Professionele inspiratie: Johann Sebastian BachProfessionaliteit roept doorgaans associaties op met (voor)opleiding, diploma’s, competenties, vakliteratuur en bij- en nascholing. Een dergelijke associatie komt tamelijk accuraat overeen met mijn werkelijkheid. Mijn pogingen om ‘grip’ te houden op de vakliteratuur dateren van rond 1975. Twee eerstelingen: Cees Zwart: Gericht veranderen van organisaties en Ruth Cohn: Van psychoanalyse naar themagecentreerde interactie. Wanneer ik mij rond 2005 afvraag waar mijn professionele inspiratie in die tijd vooral vandaan komt zeg ik: ‘Bach’. De muziek van Johann Sebastian Bach inspireert mij in mijn leven en werk enorm. Waarom? Zijn muziek is voor mij troostvol. Vreugdevol ook. Hier is een genie aan het woord, maar ook een ambachtsman, een vakman, die door en door weet waar zijn vak over gaat. De les die Bach mij steeds weer brengt is: organisatieadviseur zijn betekent door en door weten waar het bij mens en organisatie over gaat; het vak kennen. Het advies moet Substanz hebben. Ook de persoon achter de ‘functionaris’ Bach is voor mij belangrijk. Voor mij is Bach servicevol, hij brengt zijn gecomponeerde harmonieën (zijn vak) tot glorie van de opdrachtgever, zijn ‘klant’. Zijn karakter is robuust, studieus, vormvast, de traditie in ere houdend. Hij heeft oog voor het goddelijke, is spiritueel, koppig toegewijd aan zijn kunst en een keiharde werker, tegenslag en hoon ten spijt. Wat een betrokkenheid, wat een distantie! Stel je voor: elke week een cantate (Bach noemde ze zelf ‘Stücke’) voor het Luthers liturgische jaar componeren, orgel spelen, de Scola Cantorum, samenwerken met tekstschrijvers, begrafenissen, hoftrouwerijen en bovendien een roerig privé leven (2 vrouwen, 20 kinderen van wie er vele heel jong stierven). Wat moet deze man gewerkt hebben; zichzelf weggegeven hebben. Wat een keurslijf. Maar dat werd bij hem geen valkuil voor zijn professie. Liefde voor vak en klant maakte hem ‘listig’. Hoe speelde Bach dat klaar? Hij leerde steeds: als jongeman leerde hij veel van anderen, b.v. van Buxetehude (in Lübeck) en
van Vivaldi. En Bach combineerde en hij deed dat als een duivelskunstenaar. Neem de Mis in H-moll. Dat is een katholieke mis, maar in het Kyrie maakt hij gebruik van de voor een Lutherse vorstin gecomponeerde Trauer Ode. Zo zijn er vele voorbeelden die aantonen dat een muzikaal genie soms listig moet zijn. Een bijzonder verhaal is het volgende. In mei 1747 reisde de toen de 62 jarige Bach naar het hof van Potsdam. De bouw van het paleis van Sanssouci was juist voltooid. Hier huisde de ambitieuze, ‘verlichte’ Duits-Pruisische koning Frederik de Grote. Frederik was een hartstochtelijk amateur fluitist, die bekend stond om zijn grootse muziekavonden. Het schijnt dat hij in zijn jeugd te kampen had met een hardvochtige opvoeding door een sadistische, dictatoriale vader en een moeder vol intriges. Hij had daaraan boosaardige trekken overgehouden. Toen de ‘Oude Bach’ (zoals deze pesterig werd genoemd) was gearriveerd werd hij meteen ontboden (stel je de reis per postkoets van Leipzig naar Potsdam voor; 2 dagen en 1 nacht hobbelen over wegen die veel hadden van moerasland). Zijne majesteit legde Bach een perverse opdracht voor: een thema waarop Bach een driestemmige fuga moest componeren, hoewel dat thema zich daarvoor totaal niet leende. (Zoiets als: begin een dialoog met een koektrommel). Toen het Bach toch lukte, vroeg de koning hem er een zesstemmige fuga van te maken. Dat lukte niet meteen en hoon werd zijn deel. Bach liet het er niet bij zitten. Twee weken later had hij de fuga af en liet Ein musikalisches Opfer aan de koning overhandigen. Een lust voor het oor. Bij Bach wordt werken tot een verheven kunst; James Gaines (2006) schreef daarover onderhoudend. 2. Levenskunst is gefundeerd in onzekerheid en angstOnzekerheid, je kunt het ook angst noemen, staat aan de basis van mijn leven en is daarvan tot
op de huidige dag een flink bestanddeel. Sommigen van u zullen een dergelijke onzekerheid - persoonlijke basisangst zo u wilt – herkennen
als een levensgegeven. Een van mijn antwoorden op angst is: denken en lezen. Over leven in onzekerheid en
over angst is gelukkig veel goeds geschreven. De deense filosoof Kierkegaard (1844) schreef over angst als
een verschijnsel waaraan men zich kan ontwikkelen en dat angst mogelijkheid biedt tot vrijheid.
|
|
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||
| ||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||||