|
6 oktober 2004
persoonlijke stijlenprogramma's
- vervolg
- PERSOONLIJKE
STIJLENPROGRAMMA'S
Aart Pijl
creatieve opschudder en interventiekundige bij Change
Company
Goede invulinstructies zijn vaak onvoldoende om bovenstaande te vermijden. Het is een
gegeven dat vragenlijsten onvoldoende goed ingevuld worden om een goede meting van de persoonlijke stijl te
garanderen.
3. De invloed van de deskundige bij de interpretatie
Om de resultaten van de meting goed te kunnen
interpreteren, is vaak kennis noodzakelijk over het meetinstrument en de variabelen. Vaak is men voor een goede
interpretatie van de gegevens afhankelijk van een deskundige. De deskundige heeft dan de spiegel in de hand en
heeft daarmee de macht. En hoe weet je of de deskundige bekwaam en objectief is?
Wat we al weten (zie inleiding: Forer-effect):
als de deskundige de persoonlijke eigenschappen in positieve zin, wat vaag en algemeen, beschrijft, dan lijkt het
kritisch vermogen van de deelnemer onvoldoende te zijn om de waarde van de uitleg te kunnen bepalen.
4. Goede en onbedoelde effecten
De waarde van een instrument wordt
uiteindelijk bepaald door de waarde in de praktijk. Naast bovenstaande kanttekeningen is het zeker zo dat
stijlenprogramma’s een bijdrage kunnen leveren aan de persoonlijke ontwikkeling van mensen. Als de uitkomsten
worden gezien als hypothesen, bieden ze de deelnemer de gelegenheid eventueel samen met een deskundige, een collega
of een leidinggevende te reflecteren op het eigen handelen. Ook teams kunnen met de resultaten van een
stijlenprogramma een goed gesprek voeren over het functioneren van het team. En ook al klopt er geen snars van het
verhaal, toch is er, vooral door het goede gesprek, een effect op het bewustzijn. Na een goed gesprek over de
persoonlijke stijl of het functioneren van het team, gaan mensen beter letten op hun eigen gedrag en soms past men
het gedrag als vanzelf aan.
Ook moet rekening gehouden worden met minder
goede, onbedoelde effecten:
Een onbedoeld effect, dat veel voorkomt, is
dat managers en medewerkers elkaar vastpinnen op één persoonlijkheidstype. Daarmee wordt gedrag van individuen niet
alleen verklaard en begrepen, maar ook zodanig vastgezet dat het een belemmering vormt voor de verdere ontwikkeling
van het individu.
De persoonlijkheidstypen hebben vaak
tegengestelde oriëntaties. De testen gaan vaak over polariteiten, terwijl in de praktijk blijkt dat het integreren
van polariteiten het meest effectieve gedrag oplevert.
Managers die hun medewerkers willen begrijpen
aan de hand van een test kunnen juist het tegenovergestelde bereiken, omdat de testen daarvoor te onbetrouwbare
informatie geven. Een manager leert de medewerker beter begrijpen als hij let op wat de medewerker doet en zegt,
als hij vragen stelt en gesprekken voert.
Kortom:
Een persoonlijk stijlenprogramma kan een
hulpmiddel zijn, vooral voor reflectie en het verhogen van het zelfbewustzijn, maar daar hoort dan wel een goed
gesprek bij over de hypothesen. Maar kijk er niet raar van op als de zogenaamde ‘zachte’ types in de praktijk
meedogenloze sadisten blijken en ‘koude’ saneerder in de dagelijkse omgang heel aardige, zorgzame
mensen.
Even voorstellen: Aart Pijl MCM MA CMC
Expert in organisatie verandering en
leiderschapsontwikkeling. Ruim 25 jaar helpt hij leiders organisaties te bouwen die het commitment van
medewerkers en klanten verdienen. Aart is mede-oprichter van Change Company en auteur van de succesvolle
training cd's voor teamontwikkeling met de titel 'Geen Flauwekul over Teams.'
E: info@changecompany.nl
S: www.changecompany.nl
artikelen van auteur: persoonlijke
stijlenprogramma's
domheid & macht
|
"Het universum is transformatie.
Ons leven is wat onze gedachten er van maken" Marcus
Aurelius
|
www.menscentraal.nl
|