|
16 december 2001
lichaamstaal en territoriumgedrag
Territoriumgedrag
Ed Nissink
comunicatieadviseur, adviseert bedrijven en
therapeuten
auteur van diverse boeken over verbale en non-verbale communicatie
Territoriumgedrag is niet alleen aan dieren voorbehouden: wij mensen kunnen er ook wat van.
Een territorium kan op verschillende manieren voorkomen. Zo kunnen we onderscheid maken in een tijdelijk
territorium en een (min of meer) permanent territorium. Een tijdelijk territorium is de plek waar we ons op dat
moment bevinden en dat niet op erg bekend terrein ligt; bijvoorbeeld in een vreemd restaurant. Op deze plaatsen is
het belangrijk dat iemand zich in elk geval enigszins beschermd weet, een eigen plaatsje creëert. Dat gebeurt
veelal door de bovengenoemde spullen om zich heen te leggen, een jas of tas op een stoel te hangen of leggen of een
houding aan te nemen die afsluitend oogt zoals het over elkaar slaan van armen en/of benen.
Ook de auto is een prachtig voorbeeld van het creëren van een eigen territorium. Omdat we met de auto continu
plekken betreden die ‘niet van ons alleen’ zijn, gebruiken we de auto zelf als tijdelijk territorium. Dat we
daarbij veel meer zichtbaar zijn, door de ramen in onze auto, doet niet af aan de pret. Overigens is daar ook wat
op te vinden door zwaar getint glas in de ruiten van de auto te gebruiken. Wie kan bevroeden wat zich daarachter
allemaal afspeelt.
Door de kunstmatige grenzen die we aanbrengen met behulp van de ons omsluitende auto, is het ons mogelijk om ons
enigszins veilig en vertrouwd te voelen op onbekend terrein. Hoewel dit ook overdreven kan worden natuurlijk: ik
heb bij mensen in de auto gezeten die normaal gesproken als zachtaardige, bescheiden mensen door het leven gingen
en die, eenmaal in de auto gezeten en zich in het verkeer voegend, zich als ware duivels ontpopten, met veel
obscene gebaren, vervloekingen en scheldwoorden naar hun medeverkeersdeelnemers. Want buiten het gegeven dat een
auto ons omsluit, maakt deze ons ook in een andere zin ‘onkwetsbaar’: we kunnen er snel mee wegkomen. Over
veiligheid gesproken.
Een hond markeert zijn territorium door tegen verschillende objecten te plassen. De mens door dingen neer te
leggen of zetten. Zoals de dominante of overheersende hond over de plekjes van andere honden heen markeert, zo doen
sommige mensen dat door hun jas over een andere jas heen te hangen terwijl ernaast nog genoeg plaats is op de
kapstok, door hun tas, schrijfblok, boek of iets dergelijks geheel of gedeeltelijk over andermans spullen te
leggen, maar ook door hun stem luider te laten klinken dan die van anderen, meer en nadrukkelijker te bewegen dan
anderen en door veel geluid te maken zoals snuiven, hoesten, niezen, ritselen met papier enzovoort. Wat eigenlijk
gezegd wordt is: "Ik betwist jouw plaats".
Indien dit nog een stapje verder gaat, zoals bij sommige zeer dominante mensen, kan het gebeuren dat iemand de
handdoek gaat gebruiken van degene die hij wil domineren. Of ‘per ongeluk’ de jas van iemand anders
aantrekken..
Persoonlijk territorium en afstanden
Alleen al uit de afstand die mensen tot elkaar bewaren of juist niet bewaren- kun je enorm veel afleiden met
betrekking tot de stemming, de emoties, het respect, verlangen, aantrekkingskracht en de eventuele afkeer van die
mensen. Dat de afstand die mensen in verschillende situaties tot elkaar bewaren per cultuur verschillen maakt het
voor ons, die dit willen bestuderen en interpreteren, een beetje moeilijker. Toch zijn er bepaalde generalisaties
te maken, vooral wanneer we niet zozeer op de gemeten afstand op zich letten maar meer op de veranderingen in
afstand en de wederzijdse acties en reacties van de betrokkenen inzake die afstand.
We laten mensen al dan niet in ons persoonlijke territorium (een niet algemeen nader te bepalen cirkel om ons
heen) toe, naarmate ons vertrouwen in die mensen varieert. Afgezien van ons gevoel of onze emoties met betrekking
tot degene met wie wij in contact zijn, bestaat er ook een heel stelsel van sociale afspraken die weliswaar nergens
zijn vastgelegd, maar waarvan we met elkaar vrij goed aanvoelen hoe deze afspraken dienen te worden gerespecteerd.
Wanneer wij onze geliefde toespreken terwijl we bijna met de neuzen tegen elkaar aan staan, kijkt niemand daar
vreemd van op. Grote hilariteit echter, wanneer we dat doen bij de ambtenaar in het gemeentehuis die ons rijbewijs
verlengt. Bij de ene persoon kom je dus dichter in de buurt en bij de andere bewaar je wat meer afstand. Andersom
zorg je dat de ene persoon meer afstand tot jou bewaart dan de andere. Daarbij komt, dat het vaak een kwestie van
gevoel is; bijna niemand kan exact aangeven welke afstand tussen zichzelf en de ander precies de sociale zone
aangeeft, maar praktisch iedereen weet, voelt, wanneer deze afstand te klein of te groot is. Belangrijk voor ons
is, om te weten wat het al dan niet respecteren van deze afstand betekent en wat de gevolgen hiervan kunnen
zijn.
Je kunt je wel voorstellen
Wat geldt voor het betreden van nieuwe, onbekende ruimtes, geldt voor een groot gedeelte ook voor een eerste
ontmoeting tussen mensen. De wijze waarop mensen zich aan elkaar voorstellen en welke lichamelijke signalen daarbij
worden uitgewisseld, kan veel vertellen over de persoonlijkheid van deze mensen, hun stemming en het verdere
verloop van het samenzijn. Hierbij kun je letten op de afstand die mensen tot elkaar bewaren, de manier waarop ze
handen schudden of omhelzen, het volume waarmee ze spreken, de snelheid waarmee ze (beginnen te) spreken,
enzovoort.
Degene die erg dicht bij komt staan, snel begint te spreken, uitgebreid en veelvuldig gebaart en een handdruk
geeft waarbij de hand met de rug naar boven en de palm naar beneden is gericht (vaak komt zo’n hand ook als een
neerstortend vliegtuig aangeraasd) waardoor het lijkt alsof deze hand iets naar onderen wil duwen, geeft een
bepaalde boodschap door: de boodschap van intimidatie. Dit gebeurt praktisch altijd uit angst om niet voor vol
aangezien te worden of niet genoeg opgemerkt te worden, hetgeen veelal voortvloeit uit een
minderwaardigheidsgevoel. De zonet beschreven houding en handdruk past beter bij een man die zijn shirt flink open
heeft staan, een staartje in het haar heeft en het liefst wat sieraden om hals en vingers, dan bij iemand in een
muisgrijs kostuum, keurig gekapt en een bril met gouden montuur, om het maar eens in stereotypen te zeggen. Echt
leuk wordt het natuurlijk wanneer de stereotypen geloochend worden en mensen precies datgene doen, wat ‘niet bij
hen past’.
vervolg van artikel>>
|